Onderwijs in het Anthropoceen: wat kan een verdiept humanisme antwoorden

Onderwijs in het Anthropoceen: wat kan een verdiept humanisme antwoorden

Productgroep Waardenwerk 2026 105
€ 3,90
Gratis voor abonnees.

Omschrijving

Education for Transformation, onder redactie van Doret de Ruyter en Carolina Suransky, brengt vooraanstaande denkers uit de humanistische onderwijstraditie samen rond één vraag: wat vraagt het Anthropoceen van onderwijs? De bundel zoekt naar een humanisme dat zichzelf verdiept, met oog voor ecologische bloei en een meer relationele verhouding tot de wereld. Hieronder volgt een waarderende lezing van die zoektocht.

De vraag van waaruit de bundel vertrekt
Wat vraagt het Anthropoceen van onderwijs, en wat kan een verdiept humanisme daarop antwoorden? Het Anthropoceen, het tijdvak waarin de mens de aarde zelf is gaan vormen, is niet alleen een geologische vaststelling maar een vraag aan onze cultuur, en daarmee aan het onderwijs dat die cultuur doorgeeft. Die vraag ligt aan de basis van Education for Transformation, onder redactie van Doret de Ruyter en Carolina Suransky, beiden verbonden aan de Universiteit voor Humanistiek. De Ruyter is er hoogleraar wijsgerige pedagogiek en denkt al jaren over menselijke bloei; Suransky is hoogleraar hoger onderwijs en werkt rond de thema’s diversiteit, dekolonialisatie en klimaatrechtvaardigheid. De bundel brengt vooraanstaande denkers uit de humanistische onderwijstraditie samen rondom een urgentie die niet langer te omzeilen is. De mens heeft de aarde fundamenteel veranderd, en het onderwijs heeft daarin meegedaan. Het reproduceerde een mensbeeld dat autonomie centraal stelt, de natuur tot achtergrond maakt en kennis behandelt als iets dat je bezit en overdraagt. De redacteuren willen dat doorbreken. Ze geven het humanisme niet op, ze verdiepen het. Eén woord uit de titel bleef me daarbij bezighouden: transformatie. Waarvan, waarheen, en voor wie? De bundel laat dat open, en met die vraag ben ik gaan lezen.

Een rondgang door de bundel
De verdieping van het humanisme krijgt in de bundel uiteenlopende gestalten. Het boek is academisch en wijsgerig van toon en zoekt hier en daar de praktijk op. De grondtoon is zoekend en ernstig, en tegelijk hoopvol. In de inleiding zetten De Ruyter en Suransky de lijn uit: de mens heeft de aarde veranderd, het onderwijs heeft daaraan meegedaan, en bloei vraagt voortaan om een ecologisch besef. Drie thema’s geven het boek vorm. Het eerste herziet menselijke bloei in ecologische zin. Het tweede zoekt naar manieren om vervreemding te doorbreken en verbinding te herstellen. Het derde opent het humanisme naar niet-westerse en dekoloniale kennis.

De hoofdstukken die volgen, vullen die drie thema’s elk op hun eigen manier in, van De Ruyters ecologische aandachtigheid tot de netwerken van Boisvert en Suransky.
Het openingshoofdstuk van De Ruyter werkt het eerste thema uit met wat zij ecologische aandachtigheid noemt, een zorgzame en oplettende blik op de wereld waar je deel van bent. Bloei blijft haar uitgangspunt, nu verbreed met aandacht voor de aarde. 
Nick Hebbink en Anders Schinkel leggen een vinger op een paradox. Onderwijs dat de natuur terugbrengt tot CO2-drager of ecosysteemdienst dooft juist de verwondering die het wil wekken. Hun tegenwicht is existentiële dankbaarheid, een besef van het eigen bestaan als iets dat je ontvangt, met verwondering en ontzag als ervaringen die het gewone waarnemen openbreken.